Historische statuten van Debian v 1.0

Historische versie van de statuten van het Debian-project (v1.0)

Versie 1.0 bekrachtigd op 2 december 1998.

Vervangen door Versie 1.1, bekrachtigd op 21 juni 2003, Versie 1.2, bekrachtigd op 29 oktober 2003, Versie 1.3, bekrachtigd op 24 september 2006, Versie 1.4, bekrachtigd op 7 oktober 2007, Versie 1.5, bekrachtigd op 9 januari 2015, Versie 1.6, bekrachtigd op 13 december 2015, Versie 1.7, bekrachtigd op 14 augustus 2016, en de huidige versie 1.8, bekrachtigd op 28 januari 2022.

1. Inleiding

Het Debian-project is een vereniging van individuen die zich samen tot doel gesteld hebben een vrij besturingssysteem te ontwikkelen.

Dit document beschrijft de organisatiestructuur in functie van het nemen van formele beslissingen in het project. Het is geen beschrijving van de doelstellingen van het project of hoe het deze bereikt, en het bevat geen beleidsrichtlijnen, behalve die welke rechtstreeks verband houden met het beslissingsproces.

2. Organen en individuen met beslissingsbevoegdheid

Elk besluit binnen het project wordt door een of meer van de volgende instanties genomen:

  1. De ontwikkelaars, via een algemene resolutie of een verkiezing;
  2. De projectleider;
  3. Het technisch comité en/of zijn voorzitter;
  4. De individuele ontwikkelaar die aan een specifieke taak werkt;
  5. Gemachtigden die door de projectleider aangesteld zijn voor specifieke taken;
  6. De secretaris van het project.

Het grootste deel van de rest van dit document beschrijft de bevoegdheden van deze instanties, hun samenstelling en aanstelling en hun besluitvormingsprocedure. De bevoegdheden van een persoon of een instantie kunnen onderhevig zijn aan het toezicht of de inperking door anderen; in dat geval zal het item dat handelt over het/de toezichthoudende orgaan of persoon, hiervan melding maken. >In bovenstaande lijst staat een persoon of orgaan doorgaans vermeld voorafgaand aan de personen of organen van wie zij de besluiten kunnen verwerpen of welke zij (mee) aanstellen - maar niet iedereen die eerder vermeld staat, kan ingaan tegen iedereen die nadien vermeld wordt.

2.1. Algemene regels

  1. Niets uit deze statuten legt aan iemand een verplichting op om werk te verrichten voor het project. Een persoon die een aan hem/haar gedelegeerde of toegewezen taak niet wenst te verrichten, moet die ook niet verrichten. Men mag echter deze regels en de besluiten die op een correcte wijze volgens deze regels genomen werden, niet actief tegenwerken.

  2. Een persoon kan verschillende functies bekleden, behalve dat de projectleider, de projectsecretaris en de voorzitter van het technisch comité verschillende personen moeten zijn en dat de leider zichzelf niet als zijn eigen gemachtigde kan aanstellen.

  3. Een persoon kan op elk moment het project verlaten of ontslag nemen uit een specifieke functie welke deze bekleedt, door dit in het openbaar mee te delen.

3. Individuele ontwikkelaars

3.1. Bevoegdheden

Een individuele ontwikkelaar kan

  1. elke technische of niet-technische beslissing nemen in verband met de eigen werkzaamheden;
  2. een ontwerp van algemene resolutie voorstellen of steunen;
  3. zichzelf kandidaat stellen voor de verkiezing van projectleider;
  4. een stem uitbrengen over een algemene resolutie en bij de verkiezing van de projectleider.

3.2. Samenstelling en aanstelling

  1. Ontwikkelaars zijn vrijwilligers die ermee instemmen de doelstellingen van het project te bevorderen voor zover zij eraan deelnemen, en die voor het project pakketten onderhouden of ander werk verrichten dat door de gemachtigde(n) van de projectleider waardevol geacht wordt.

  2. De gemachtigde(n) van de projectleider kan/kunnen nieuwe ontwikkelaars weren of bestaande ontwikkelaars uitsluiten. Indien de ontwikkelaars van mening zijn dat de gemachtigden hun gezag misbruiken, kunnen zij de beslissing natuurlijk via een algemene resolutie vernietigen - zie §4.1(3), §4.2.

3.3. Procedure

Ontwikkelaars kunnen deze beslissingen naar eigen goeddunken nemen.

4. De ontwikkelaars via algemene resolutie of verkiezingen

4.1. Bevoegdheden

Samen kunnen de ontwikkelaars:

  1. De projectleider aanstellen of afzetten.

  2. Deze statuten wijzigen op voorwaarde dat een meerderheid van 3:1 ermee instemt.

  3. Elke beslissing van de projectleider of een gemachtigde opheffen.

  4. Elke beslissing van het technisch comité opheffen op voorwaarde dat een meerderheid van 2:1 ermee instemt.

  5. Niet-technische beleidsdocumenten en verklaringen uitgeven.

    Daaronder vallen documenten over de doelstellingen van het project, de relaties van het project met andere entiteiten van de vrije-softwaregemeenschap, en niet-technische beleidsrichtlijnen, zoals de licentievoorwaarden voor vrije software waaraan Debian-software moet voldoen.

    Daaronder vallen ook standpuntbepalingen inzake actuele onderwerpen.

  6. Samen met de projectleider en SPI beslissingen nemen over eigendom die in beheer gehouden wordt voor doeleinden die met Debian verband houden. (Zie §9.1.)

4.2. Procedure

  1. De ontwikkelaars volgen de onderstaande standaard resolutieprocedure. Een resolutie of amendement wordt ingediend wanneer deze door een ontwikkelaar voorgesteld wordt en minstens door K andere ontwikkelaars gesteund wordt, of wanneer deze door de projectleider of het technisch comité voorgesteld wordt.

  2. Een beslissing van de projectleider of diens gemachtigde verdagen:

    1. Indien de projectleider of diens gemachtigde of het technisch comité een besluit genomen heeft, kunnen ontwikkelaars dat annuleren door hierover een resolutie aan te nemen; zie §4.1(3).
    2. Indien een dergelijke resolutie minstens door 2K ontwikkelaars gesteund wordt, of indien ze door het technisch comité voorgesteld wordt, schort deze resolutie de beslissing onmiddellijk op (op voorwaarde dat de resolutie zelf dit zo bepaalt).
    3. Indien de originele beslissing een wijziging van een discussie- of stemmingsperiode betreft of indien de resolutie het herroepen van een beslissing van het technisch comité beoogt, dan moeten slechts K ontwikkelaars deze steunen om de beslissing onmiddellijk op te schorten.
    4. Indien de beslissing opgeschort werd, wordt onmiddellijk een stemming gehouden om te bepalen of de beslissing van kracht blijft tot er ten gronde over de beslissing gestemd werd ofwel of de toepassing van de originele beslissing tot dan verdaagd wordt. Voor deze onmiddellijke procedurele stemming is geen quorum vereist.
    5. Indien de projectleider (of de gemachtigde) de originele beslissing intrekt, wordt de stemming irrelevant en niet langer voortgezet.
  3. Stemmen worden door de projectsecretaris verzameld. Stemmen en resultaten van stemmingen worden tijdens de stemperiode niet kenbaar gemaakt. Na de stemming deelt de projectsecretaris alle uitgebrachte stemmen mee. De stemperiode duurt 2 weken, maar de projectleider kan deze tot maximaal 1 week laten variëren en kan door de projectsecretaris worden beëindigd wanneer geen twijfel meer kan bestaan over de uitkomst van de stemming.

  4. De minimale discussieperiode is 2 weken, maar de projectleider kan deze tot maximaal 1 week laten variëren. De projectleider heeft een beslissende stem. Het quorum bedraagt 3Q.

  5. Voorstellen, steunbetuigingen, amendementen, oproepen tot het uitbrengen van een stem en andere formele acties gebeuren via een aankondiging op een publiek leesbare elektronische mailinglijst die door de gemachtigde(n) van de projectleider aangewezen wordt. Elke ontwikkelaar kan er op posten.

  6. Stemmen worden per e-mail uitgebracht op een manier die passend is voor de secretaris. Voor elke stemming bepaalt de secretaris of stemmers hun uitgebrachte stem kunnen wijzigen.

  7. Q is de helft van de vierkantswortel van het huidige aantal ontwikkelaars. K is Q of 5, welk van beide het kleinst is. Q en K moeten geen gehele getallen zijn en worden niet afgerond.

5. Projectleider

5.1. Bevoegdheden

De projectleider kan:

  1. Gemachtigden aanstellen of besluitvormingen delegeren aan het technisch comité.

    De leider kan een domein van permanente verantwoordelijkheid of een specifieke beslissing definiëren en deze delegeren aan een andere ontwikkelaar of aan het technisch comité.

    Eens een specifieke beslissing gedelegeerd werd en een besluit genomen werd, kan de projectleider deze delegatie niet meer terugtrekken. Deze kan wel een lopende delegering van een specifiek verantwoordelijkheidsgebied intrekken.

  2. Andere ontwikkelaars autoriteit verlenen.

    De projectleider kan zijn steun uitspreken voor standpunten of voor andere projectleden, op vraag of anderszins; deze uitspraken worden enkel van kracht indien de projectleider gemachtigd zou zijn om de beslissing in kwestie te nemen.

  3. Elke beslissing nemen die dringende actie vereist.

    Dit is niet van toepassing op beslissingen die slechts stilaan dringend geworden zijn wegens een gebrek aan relevante actie, tenzij er een vaste deadline is.

  4. Elke beslissing nemen waarvoor niemand anders verantwoordelijk is.

  5. Ontwerpen van algemene resolutie en amendementen voorstellen.

  6. Samen met het technisch comité nieuwe leden van dat comité aanstellen. (Zie §6.2.)

  7. Een beslissende stem uitbrengen wanneer ontwikkelaars stemmen.

    De projectleider heeft ook een normale stem in dergelijke stemmingen.

  8. De discussieperiode in verband met stemmingen van ontwikkelaars aanpassen (zoals hierboven).

  9. Discussies onder ontwikkelaars leiden.

    De projectleider behoort te proberen op een helpende wijze te participeren in discussies tussen ontwikkelaars in een poging de discussie toe te spitsen op de belangrijkste kwesties. De projectleider behoort geen gebruik te maken van zijn/haar leiderschapspositie om zijn/haar eigen persoonlijke meningen naar voor te schuiven.

  10. Samen met SPI beslissingen nemen die van invloed zijn op eigendommen die in beheer worden gehouden voor met Debian verband houdende doeleinden (zie §9.)

5.2. Aanstelling

  1. De projectleider wordt door de ontwikkelaars verkozen.
  2. De verkiezing begint negen weken voordat de functie van leider vacant wordt, of onmiddellijk (indien het reeds te laat is).
  3. Tijdens de volgende drie weken kan elke ontwikkelaar zichzelf nomineren als kandidaat projectleider.
  4. Tijdens de drie daaropvolgende weken kunnen geen kandidaten meer genomineerd worden; kandidaten behoren deze periode te gebruiken voor het voeren van campagne (om hun identiteit en positie kenbaar te maken). Indien er op het einde van de nominatieperiode geen kandidaten zijn, wordt de nominatieperiode verlengd met drie weken extra, en dit zo nodig meermaals.
  5. De volgende drie weken is de stemperiode waarin ontwikkelaars hun stem uitbrengen. Bij de verkiezing van de projectleider wordt de stemming geheim gehouden, ook na het einde van de stemming.
  6. Op het stembiljet bestaan de keuzemogelijkheden uit die kandidaten welke zichzelf genomineerd hebben en zich nog niet hebben teruggetrokken, plus "None Of The Above" (geen van bovenstaande). Indien "None Of The Above" de verkiezing wint, wordt de verkiezingsprocedure herhaald, zo nodig meermaals.
  7. De beslissing wordt genomen aan de hand van de Concorde-methode voor het tellen van de stemmen. Het quorum is hetzelfde als bij een algemene resolutie (§4.2) en de standaardoptie is None Of The Above.
  8. De ambtsperiode van de projectleider bedraagt een jaar vanaf diens verkiezing.

5.3. Procedure

De projectleider behoort te proberen beslissingen te nemen die verenigbaar zijn met de consensus tussen de verschillende meningen van de ontwikkelaars.

Waar praktisch mogelijk behoort de projectleider op informele wijze te informeren naar de opvattingen van de ontwikkelaars.

De projectleider behoort te vermijden het eigen standpunt te zeer te beklemtonen bij het nemen van beslissingen in hoofde van zijn/haar functie als projectleider.

6. Technisch comité

6.1. Bevoegdheden

Het technisch comité kan:

  1. Beslissingen nemen in elke zaak met betrekking tot het technisch beleid.

    Dit betreft onder meer de inhoud van de handleidingen over het technische beleid, referentiemateriaal voor ontwikkelaars, voorbeeldpakketten en het gedrag van niet-experimentele hulpmiddelen voor het bouwen van pakketten. (In elk van deze zaken neemt de gebruikelijke onderhouder van de betreffende software of documentatie initieel de beslissingen; zie echter 6.3(5).)

  2. Beslissen in technische materies waarbij de bevoegdheden van ontwikkelaars elkaar overlappen.

    Het technisch comité kan een zaak beslechten in gevallen waarin ontwikkelaars compatibele technische beleidslijnen of standpunten moeten implementeren (bijvoorbeeld indien zij het oneens zijn over de prioriteit van conflicterende pakketten, of over het bezit van een commandonaam, of over welk pakket verantwoordelijk is voor een bug waarover beide akkoord gaan dat het een bug is, of over wie de onderhouder van een pakket behoort te zijn).

  3. Een beslissing nemen wanneer daarom gevraagd wordt.

    Elke persoon of instantie kan een eigen beslissing delegeren naar het technisch comité of er advies aan vragen.

  4. Een beslissing van een ontwikkelaar afwijzen (vereist een 3:1 meerderheid).

    Het technisch comité kan een ontwikkelaar vragen een specifieke technische werkwijze te gebruiken, zelfs als de ontwikkelaar dit niet wenst; dit vereist een 3:1 meerderheid. Bijvoorbeeld kan het comité bepalen dat een klacht van een indiener van een bugrapport gerechtvaardigd is en dat de door de indiener voorgestelde oplossing behoort te worden geïmplementeerd.

  5. Advies geven.

    Het technisch comité kan formele uitspraken doen over zijn visie op gelijk welke zaak. Individuele leden kunnen uiteraard informele uitspraken doen over hun visie en over de vermoedelijke visie van het comité.

  6. Samen met de projectleider nieuwe leden aanstellen bij het eigen comité of bestaande leden eruit verwijderen. (Zie §6.2.)

  7. De voorzitter van het technisch comité aanstellen.

    De voorzitter wordt door het comité uit zijn leden verkozen. Alle leden van het comité zijn automatisch genomineerd. Het comité begint te stemmen, een week voor de functie vacant wordt (of onmiddellijk als het al te laat is). De leden kunnen bij openbare acclamatie stemmen voor gelijk welk collega-lid, ook voor zichzelf; er is geen optie "None Of The Above" (geen van bovenstaande). De stemming eindigt wanneer alle leden gestemd hebben of wanneer er geen twijfel meer kan bestaan over het resultaat. Het resultaat wordt bepaald aan de hand van de Concorde-methode voor het tellen van de stemmen.

  8. De voorzitter kan samen met de secretaris de projectleider vervangen

    Zoals bepaald in §7.1(2) kunnen de voorzitter van het technisch comité en de projectsecretaris samen de projectleider vervangen als er geen projectleider is.

6.2. Samenstelling

  1. Het technisch comité bestaat uit maximaal 8 ontwikkelaars en behoort gewoonlijk minstens 4 leden te hebben.

  2. Als het technisch comité minder dan 8 leden telt, kan het comité nieuwe leden aanbevelen bij de projectleider, die (individueel) kan beslissen om deze al dan niet aan te stellen.

  3. Wanneer het technisch comité 5 of minder leden telt, kan het nieuwe leden aanstellen tot het ledenaantal 6 bedraagt.

  4. Wanner er voor minstens een week 5 of minder leden waren, kan de projectleider nieuwe leden aanstellen met een interval van minstens een week per aanstelling, tot het aantal leden 6 bedraagt.

  5. Als het technisch comité en de projectleider ermee akkoord gaan, kunnen ze een bestaand lid van het technisch comité verwijderen of vervangen.

6.3. Procedure

  1. Het technisch comité gebruikt de standaard resolutieprocedure.

    Elk lid van het technisch comité kan een ontwerpresolutie of een amendement voorstellen. Er is geen minimale discussieperiode. De stemperiode duurt hoogstens een week of tot er geen twijfel meer bestaat over het resultaat. Leden kunnen hun stem wijzigen. Het quorum bedraagt twee.

  2. Details in verband met de stemming

    De voorzitter heeft een beslissende stem. Wanneer het technisch comité stemt over het al dan niet opheffen van een beslissing van een ontwikkelaar die toevallig ook lid is van het comité, mag dat lid niet stemmen (tenzij het de voorzitter betreft en in dat geval mag deze enkel gebruik maken van zijn/haar beslissende stem).

  3. Openbare discussie en besluitvorming.

    Discussies, ontwerpresoluties en amendementen, en de door leden van het comité uitgebrachte stemmen, worden openbaar gemaakt op de publieke discussielijst van het technisch comité. Het comité heeft geen aparte secretaris.

  4. Vertrouwelijk karakter van aanstellingen.

    Het technisch comité kan bij het voeren van een discussie over aanstellingen bij het comité vertrouwelijke besprekingen hebben via private e-mail of een private mailinglijst of via andere middelen. Stemmingen over aanstellingen moeten evenwel openbaar zijn.

  5. Geen gedetailleerde ontwerpwerkzaamheden.

    Het technisch comité houdt zich niet bezig met het ontwerpen van nieuwe voorstellen en beleidsmaatregelen. Zulke ontwerpwerkzaamheden behoren persoonlijk of samen te worden uitgevoerd door individuele personen en te worden besproken in gewone forums voor ontwerp en uitvoering van technisch beleid.

    Het technisch comité beperkt zich tot het kiezen uit of het aannemen van compromissen tussen oplossingen die elders voorgesteld en redelijkerwijs grondig besproken werden.

    Individuele leden van het technisch comité kunnen uiteraard in eigen naam deelnemen aan elk aspect van ontwerp- en beleidswerk.

  6. Het technisch comité neemt enkel beslissingen als laatste redmiddel.

    Het technisch comité neemt geen technische beslissing totdat inspanningen om via consensus tot een oplossing te komen geleverd werden en mislukt zijn, tenzij het gevraagd werd om een beslissing te nemen door de persoon of de instantie die daarvoor normaal verantwoordelijk is.

7. De projectsecretaris

7.1. Bevoegdheden

De secretaris:

  1. Houdt stemmingen onder de ontwikkelaars en bepaalt het aantal en de identiteit van ontwikkelaars, telkens dit door de statuten vereist wordt.

  2. Kan samen met de voorzitter van het technisch comité de projectleider vervangen.

    Indien er geen projectleider is, kunnen de voorzitter van het technisch comité en de secretaris in gemeenschappelijk akkoord beslissingen nemen indien ze het noodzakelijk achten om dit te doen.

  3. Beslecht alle geschillen over de interpretatie van de statuten.

  4. Kan zijn/haar bevoegdheden gedeeltelijk of volledig delegeren naar iemand anders en een dergelijke delegatie op elk ogenblik intrekken.

7.2. Aanstelling

De projectsecretaris wordt aangesteld door de projectleider en de huidige projectsecretaris.

Indien de projectleider en de huidige projectsecretaris het niet eens kunnen worden over een nieuwe aanstelling, moeten ze het bestuur van SPI (zie §9.1.) vragen een secretaris aan te stellen.

Indien er geen projectsecretaris is of de projectsecretaris momenteel onbeschikbaar is en de bevoegdheid in verband met het nemen van een bepaalde beslissing niet gedelegeerd heeft, dan kan die beslissing genomen of gedelegeerd worden door de voorzitter van het technisch comité als waarnemend secretaris.

De ambtstermijn van de projectsecretaris bedraagt 1 jaar, waarna deze of een andere secretaris (her)aangesteld moet worden.

7.3. Procedure

De projectsecretaris behoort eerlijke en redelijke beslissingen te nemen, welke bij voorkeur verenigbaar zijn met de consensus onder de ontwikkelaars.

Wanneer zij samen optreden als plaatsvervangers van een afwezige projectleider, behoren de voorzitter van het technisch comité en de projectsecretaris enkel beslissingen te nemen wanneer dit absoluut noodzakelijk is en enkel wanneer deze verenigbaar zijn met de consensus onder de ontwikkelaars.

8. De gemachtigden van de projectleider

8.1. Bevoegdheden

De gemachtigden van de projectleider:

  1. hebben de bevoegdheden die aan hen gedelegeerd werden door de projectleider;
  2. mogen bepaalde beslissingen nemen die de projectleider niet rechtstreeks kan nemen, waaronder het aanvaarden of uitsluiten van ontwikkelaars of het aanstellen tot ontwikkelaar van personen die geen pakketten onderhouden. Dit is om een concentratie van macht in de handen van de projectleider te vermijden, in het bijzonder met betrekking tot het lidmaatschap van ontwikkelaars.

8.2. Aanstelling

De gemachtigden worden door de projectleider aangesteld en kunnen door de projectleider naar goeddunken vervangen worden. De projectleider mag de functie van gemachtigde niet voorwaardelijk maken aan specifieke beslissingen van de gemachtigde, en mag evenmin een door een gemachtigde genomen beslissing ongedaan maken.

8.3. Procedure

Gemachtigden mogen naar eigen goeddunken beslissingen nemen, maar behoren ernaar te streven technisch goede beslissingen toe te passen en/of te handelen volgens consensusopvattingen.

9. Software in the Public Interest (Software in het algemeen belang)

SPI en Debian zijn aparte organisaties die bepaalde gemeenschappelijke doelstellingen hebben. Debian is dankbaar voor het ondersteunend juridisch kader dat door SPI geboden wordt. De ontwikkelaars van Debian zijn momenteel lid van SPI op grond van hun status als ontwikkelaar.

9.1. Bevoegdheid

  1. SPI heeft geen bevoegdheid met betrekking tot de technische of niet-technische beslissingen van Debian, behalve dat geen enkele beslissing van Debian met betrekking tot eigendom die in het bezit is van SPI zal vereisen dat SPI buiten zijn wettelijke bevoegdheid handelt, en dat de statuten van Debian SPI af en toe kan gebruiken als een beslissingsorgaan in laatste instantie.
  2. Debian eist geen andere bevoegdheid over SPI op dan die over het gebruik van bepaalde eigendommen van SPI, zoals hieronder beschreven, hoewel ontwikkelaars van Debian door de reglementen van SPI bevoegdheden binnen SPI kunnen krijgen.
  3. Ontwikkelaars van Debian zijn geen agenten of werknemers van SPI, of van elkaar of van personen met autoriteit in het Debian-project. Een persoon die optreedt als ontwikkelaar doet dit als individu, in eigen naam.

9.2. Beheer van eigendom voor doeleinden die verband houden met Debian

Aangezien Debian niet de bevoegdheid heeft om geld of bezittingen te hebben, moeten alle donaties voor het Debian-project worden gedaan aan SPI, dat dergelijke zaken beheert.

SPI heeft de volgende toezeggingen gedaan:

  1. SPI zal geld, handelsmerken en andere materiële en immateriële eigendommen bezitten en andere zaken beheren voor doeleinden die verband houden met Debian.
  2. Dergelijke eigendommen zullen afzonderlijk worden geboekt en voor deze doeleinden in bewaring worden gehouden, waarover Debian en SPI overeenkomstig deze sectie zullen beslissen.
  3. SPI zal geen eigendom van Debian verkopen of gebruiken zonder toestemming van Debian, die kan worden verleend door de projectleider of door een algemene resolutie van de ontwikkelaars.
  4. SPI zal er rekening mee houden om eigendommen die in beheer gehouden worden voor Debian, te gebruiken of te verkopen wanneer de projectleider daarom vraagt.
  5. SPI zal eigendommen die in beheer zijn voor Debian gebruiken of van de hand doen wanneer daarom wordt gevraagd door een algemene resolutie van de ontwikkelaars, op voorwaarde dat dit verenigbaar is met de wettelijke bevoegdheid van SPI.
  6. SPI zal de ontwikkelaars via een e-mail gericht aan een mailinglijst van het Debian-project, op de hoogte brengen wanneer het eigendommen die voor Debian in beheer zijn, gebruikt of van de hand doet.

A. Standaard resolutieprocedure

Deze regels zijn van toepassing op de algemene besluitvorming door comité's en ontwikkelaarsraadplegingen, zoals hierboven vermeld.

A.1. Voorstel

De formele procedure start wanneer een ontwerpresolutie volgens de vereisten voorgesteld en gesteund wordt.

A.1. Discussie en amendering

  1. Na het voorstel kan de resolutie bediscussieerd worden. Amenderingen kunnen formeel gemaakt worden doordat ze voorgesteld en gesteund worden volgens de vereisten voor een nieuwe resolutie, of onmiddellijk door de indiener van de originele resolutie.
  2. De indiener van een resolutie kan een formeel amendement aanvaarden en in dat geval wordt de formele ontwerpresolutie daaraan onmiddellijk aangepast.
  3. Indien een formeel amendement niet aanvaard wordt, of indien een van de ondersteuners van de resolutie niet akkoord gaat met de aanvaarding van een formeel amendement door de indiener, dan blijft het amendement als amendement bestaan en zal daarover gestemd worden.
  4. Indien een door de originele indiener van de resolutie aanvaard amendement niet naar de zin is van anderen, kunnen deze een nieuw amendement indienen om de eerdere aanpassing ongedaan te maken (ook dan moet voldaan worden aan de vereisten inzake indienen en ondersteunen).
  5. De indiener van een resolutie kan wijzigingen aan de formulering van een amendement voorstellen; deze worden van kracht indien de indiener van het amendement ermee akkoord gaat en geen van de ondersteuners ervan bezwaar aantekent. In dat geval zal gestemd worden over het gewijzigd amendement in plaats van over het origineel.
  6. De indiener van een resolutie kan wijzigingen aanbrengen om kleine fouten te corrigeren (bijvoorbeeld typefouten of inconsistenties), of aanpassingen zonder dat de betekenis verandert, op voorwaarde dat niemand binnen de 24 uur bezwaar aantekent. In dit geval begint de minimale discussieperiode niet opnieuw.

A.2. Oproep tot de stemming

  1. De indiener of een ondersteuner van een motie of een amendement kunnen oproepen tot een stemming, op voorwaarde dat de minimale discussieperiode (indien van toepassing) is verstreken.
  2. De indiener of een ondersteuner van een motie kan verzoeken om stemming over één of meer amendementen, afzonderlijk of gezamenlijk; de indiener of een ondersteuner van een amendement kan enkel verzoeken om een stemming over dat amendement en ermee verband houdende amendementen..
  3. Degene die om stemming vraagt, geeft aan wat volgens hem/haar de verwoording van de resolutie en de eventuele relevante amendementen is, en bijgevolg in welke vorm de stemming behoort plaats te vinden. Nochtans berust de eindbeslissing over de vorm van de stemming(en) bij de secretaris - zie 7.1(1), 7.1(3) en A.3(6).
  4. De minimale discussieperiode wordt berekend vanaf het moment waarop het laatste formele amendement werd aanvaard, of het laatste ermee verband houdende formele amendement werd aanvaard indien over een amendement wordt gestemd, of vanaf het moment waarop de hele resolutie werd voorgesteld indien er geen amendementen werden voorgesteld en geaccepteerd.

A.3. Stemprocedure

  1. Over elke onafhankelijke reeks onderling samenhangende amendementen wordt gestemd in een afzonderlijke stemming. Elk van die stemmingen heeft als opties alle zinnige combinaties van amendementen en opties, en een optie Further Discussion (de discussie voortzetten). Als Discussie Voortzetten het haalt, wordt de hele resolutieprocedure teruggezet naar het begin van de discussieperiode. Er is geen quorum vereist voor een amendement.
  2. Wanneer de definitieve vorm van de resolutie is vastgesteld, wordt hierover gestemd in een laatste stemming, waarbij de keuzemogelijkheden zijn: Yes, No, Further Discussion (Ja, Nee en de Discussie Voortzetten). Indien de discussie voortzetten het haalt, wordt de hele procedure teruggezet naar het begin van de discussieperiode.
  3. De stemopnemer (indien er één is) of de kiezers (indien de stemming bij openbare uitspraak geschiedt) kunnen ervoor zorgen dat deze stemmingen gelijktijdig plaatsvinden, zelfs (bijvoorbeeld) met gebruikmaking van één enkel stembericht. Indien op deze wijze stemmingen over amendementen en de eindstemming gecombineerd worden, dan moet een kiezer bij de eindstemming voor elk van de mogelijke vormen van de definitieve ontwerp-resolutie anders kunnen stemmen.
  4. Tijdens de stemperiode kunnen stemmen worden uitgebracht, zoals elders is aangegeven. Indien de stemperiode kan eindigen als de uitslag niet meer twijfelachtig is, wordt geen rekening gehouden met de mogelijkheid dat de kiezers hun stem wijzigen..
  5. De stemmen worden geteld volgens de Concorde-methode voor het tellen van de stemmen. Indien een quorum vereist is, is de standaardoptie is Further Discussion (de discussie voortzetten).
  6. In twijfelgevallen beslecht de projectsecretaris procedurele zaken (bijvoorbeeld of bepaalde amendementen al dan niet als onafhankelijk moeten worden beschouwd).

A.4. Intrekken van resoluties en niet-aanvaarde amendementen

De indiener van een resolutie of een niet-aanvaard amendement kan dit intrekken. In dat geval kunnen nieuwe indieners zich melden om het in leven te houden en in dat geval wordt de eerste persoon die dit doet de nieuwe indiener en eventuele anderen worden ondersteuners indien ze niet reeds ondersteuner waren.

Een ondersteuner van een resolutie of amendement kan zich terugtrekken (tenzij het geaccepteerd werd).

Indien de terugtrekking van de indiener en/of van ondersteuners tot gevolg heeft dat een resolutie geen indiener of onvoldoende ondersteuners heeft, zal er niet over gestemd worden, tenzij dit rechtgezet wordt voordat de resolutie verloopt.

A.5. Verval

Indien een voorgestelde resolutie gedurende 4 weken niet bediscussieerd of geamendeerd werd, er niet over gestemd werd of deze niet op een andere wijze afgehandeld werd, dan wordt deze geacht te zijn ingetrokken.

A.6. Concorde-methode voor het tellen van de stemmen

  1. Dit wordt gebruikt om uit een lijst met opties de winnaar aan te duiden. Elk stembiljet geeft een rangorde van de voorkeursopties van de kiezer. (De rangschikking hoeft niet volledig te zijn.)
  2. Optie A wordt geacht optie B te domineren als strikt meer stemmen de voorkeur geven aan A boven B dan aan B boven A.
  3. Alle opties die door ten minste één andere optie worden gedomineerd, worden terzijde geschoven, en verwijzingen ernaar in stembiljetten worden genegeerd.
  4. Als er een optie is die alle andere domineert, dan is dat de winnaar.
  5. Indien er nu meer dan één optie overblijft, wordt Single Transferrable Vote (één enkele overdraagbare stem) gebruikt om te kiezen tussen de overblijvende opties:
    • Het aantal eerste voorkeuren voor elke optie wordt geteld, en als een optie meer dan de helft heeft, is zij de winnaar.
    • Anders wordt de optie met het laagste aantal eerste voorkeuren geëlimineerd en worden deze stemmen herverdeeld volgens de tweede voorkeuren.
    • Deze eliminatieprocedure wordt herhaald, waarbij op de stembiljetten afgedaald wordt naar de tweede, derde, vierde, enz. voorkeur, totdat één optie meer dan de helft van de eerstevoorkeuren behaalt.
  6. Bij staking van stemmen beslist de kiezer die de beslissende stem heeft. De beslissende stem telt niet als een gewone stem; maar deze kiezer heeft gewoonlijk ook een gewone stem.
  7. Als een supermeerderheid vereist is, wordt het aantal ja-stemmen in de eindstemming met een passende factor verminderd. Strikt genomen wordt voor een bijzondere meerderheid van F:A het aantal stemmen dat de voorkeur geeft aan Ja boven X (wanneer wordt nagegaan of Ja dominantie heeft over X of X over Ja) of het aantal stembiljetten waarvan de eerste (resterende) voorkeur Ja is (wanneer Single Transferrable Vote-vergelijkingen toegepast worden met het oog op eliminatie en het aanduiden van de winnaar) vermenigvuldigd met een factor A/F voordat de vergelijking wordt gemaakt. Dit betekent bijvoorbeeld dat bij een stemming van 2:1 twee keer zoveel mensen voor als tegen hebben gestemd; onthoudingen worden niet meegeteld.
  8. Als een quorum vereist is, moeten er minstens zoveel stemmen zijn die de winnende optie verkiezen boven de standaardoptie. Indien dit niet het geval is, dan wint de standaardoptie alsnog. Bij stemmingen waarvoor een bijzondere meerderheid is vereist, wordt het werkelijke aantal ja-stemmen gebruikt om na te gaan of het quorum is bereikt.

Wanneer de standaard resolutieprocedure gebruikt moet worden, moet de tekst die ernaar verwijst specificeren wat volstaat voor een ontwerpresolutie om ingediend en/of ondersteund te zijn, welke de minimale discussieperiode is en wat de stemperiode is. Deze moet ook een eventuele bijzondere meerderheid specificeren en/of het te gebruiken quorum (en de standaardoptie)

B. Taalgebruik en typografie

De aantonende wijs (is, bijvoorbeeld) betekent dat de uitspraak in deze statuten als regel geldt. Mag of kan geven aan dat de persoon of de instantie discretionaire bevoegdheid heeft. Behoort te betekent dat het als een goede zaak beschouwd wordt mocht aan de uitspraak gevolg gegeven worden, maar dat dit niet dwingend is. Tekst welke als een citaat, zoals dit, weergegeven wordt is toelichting en maakt geen deel uit van de statuten. Er kan enkel gebruik van gemaakt worden om te helpen bij de interpretatie van twijfelgevallen.